← Terug naar de rekenmachine

Hoe wordt je belasting berekend?

Alle regels die deze rekenmachine toepast, in gewone taal — inclusief wat we bewust níét meerekenen.

De korte versie

netto = bruto − max(0, box 1-belasting − heffingskortingen)

  1. We rekenen je inkomen om naar één belastbaar jaarinkomen, inclusief 8% vakantiegeld.
  2. Daarover berekenen we de box 1-belasting volgens de schijven — dat is inkomstenbelasting én premie volksverzekeringen bij elkaar.
  3. Daar halen we je heffingskortingen vanaf: de algemene heffingskorting en de arbeidskorting.
  4. Kortingen verlagen je belasting tot €0, maar nooit lager. Wat overblijft is je netto.

Je netto-inkomen is bijna altijd hoger dan je schijfpercentage doet vermoeden, omdat er heffingskortingen vanaf gaan. Alles wordt in je eigen browser berekend — er gaat niets naar een server.

Stap 1 — Van bruto naar belastbaar jaarinkomen

De Nederlandse inkomstenbelasting kijkt naar je hele jaar, niet naar één maand. Wat je ook invult, we rekenen het eerst om naar één belastbaar jaarinkomen:

Je vult inWij rekenen
Per jaarhet bedrag zelf
Per maandbedrag × 12
Per uurbedrag × uren per week × 52 weken

We rekenen met 52 weken per jaar. Je vakantiedagen zitten al in je salaris — je wordt tijdens je vakantie doorbetaald — dus we trekken ze er niet af. Je netto-uurloon is daarmee het bedrag per contractuur.

Het vinkje “inclusief 8% vakantiegeld”

In Nederland bouw je wettelijk 8% vakantiegeld op bovenop je salaris, meestal uitbetaald in mei.

Een genoemd bruto maandsalaris is bijna altijd exclusief vakantiegeld — het komt er nog bij. Maar voor de Belastingdienst is vakantiegeld gewoon loon, dus je belastbare jaarinkomen bevat het altijd.

  • Vinkje uit (standaard): je bedrag is exclusief vakantiegeld → wij rekenen bedrag × 1,08.
  • Vinkje aan: je bedrag is al inclusief vakantiegeld → wij nemen het één op één over.

Verdien je €3.400 bruto per maand exclusief vakantiegeld, dan is je belastbare jaarinkomen 3.400 × 12 × 1,08 = €44.064. Zonder vakantiegeld zou je op €40.800 uitkomen en zou de hele berekening ernaast zitten.

Het vakantiegeld negeren scheelt zomaar 8% in je belastbare inkomen. Dat is niet alleen minder belasting — het kan je ook in een andere schijf of een ander stuk van de afbouw zetten.

Stap 2 — De box 1-belasting

Wat is box 1?

De inkomstenbelasting heeft drie “boxen”. Box 1 is de box voor werk en woning: je loon, uitkering, pensioen, winst uit onderneming en het eigenwoningforfait. Voor een werknemer is box 1 vrijwel het hele verhaal. Box 2 (aanmerkelijk belang) en box 3 (spaargeld en beleggingen) rekenen we niet mee.

Het tarief is belasting én premies bij elkaar

Dit verrast bijna iedereen: het percentage in de tabellen hieronder is niet alleen inkomstenbelasting, maar inkomstenbelasting + premie volksverzekeringen samen. Die premies betalen mee aan AOW, Anw en Wlz — en zitten alleen in de eerste schijf. Boven de eerste schijfgrens betaal je geen premies meer.

Zo is de eerste schijf opgebouwd (2026)

OnderdeelPercentage
Inkomstenbelasting8,10%
Premie AOW (ouderdom)17,90%
Premie Anw (nabestaanden)0,10%
Premie Wlz (langdurige zorg)9,65%
Totaal schijf 135,75%

Dat verklaart ook waarom schijf 2 maar iets hoger is dan schijf 1: in schijf 2 valt de premie van 27,65% weg, maar stijgt het belastingdeel fors.

De schijven (onder de AOW-leeftijd)

2026

SchijfVanafTotTarief
1€ 0€ 38.88335,75%
2€ 38.883€ 78.42637,56%
3€ 78.426—49,50%

2025

SchijfVanafTotTarief
1€ 0€ 38.44135,82%
2€ 38.441€ 76.81737,48%
3€ 76.817—49,50%

Schijven stapelen — je betaalt nooit 49,5% over alles

Dit is de hardnekkigste misvatting over belasting. Kom je in de hoogste schijf, dan betaal je dat toptarief alleen over het deel van je inkomen dát daarboven uitkomt. Uitgewerkt voor een belastbaar jaarinkomen van €100.000:

Deel van je inkomenBedrag in deze schijfTariefBelasting
€ 0 – € 38.883€ 38.88335,75%€ 13.900,67
€ 38.883 – € 78.426€ 39.54337,56%€ 14.852,35
€ 78.426 – € 100.000€ 21.57449,50%€ 10.679,13
Belasting vóór kortingen€ 39.432,15

Precies deze opsplitsing zie je in de rekenmachine terug onder “Waarom?”. En dan moeten de heffingskortingen er nog vanaf.

Stap 3 — De heffingskortingen

Wat is een heffingskorting?

Een heffingskorting is géén aftrekpost. Een aftrekpost haalt iets van je inkomen af; een heffingskorting haalt een bedrag rechtstreeks van je belasting af. Dat is veel krachtiger: €1 korting is €1 minder belasting, ongeacht je schijf. Wij rekenen met de twee die vrijwel elke werknemer krijgt.

Algemene heffingskorting

Deze krijgt iedereen die in Nederland belastingplichtig is. Je hoeft er niets voor te doen behalve inkomen hebben. Boven een bepaald inkomen wordt hij afgebouwd, en vanaf de top van schijf 2 is hij helemaal weg.

2026 — maximum € 3.115

Belastbaar inkomenKorting
Tot € 29.736€ 3.115 (maximum)
€ 29.736 – € 78.426€ 3.115 − 6,398% × (belastbaar inkomen − € 29.736)
Vanaf € 78.426€ 0

Arbeidskorting

Deze krijg je alleen over inkomen uit arbeid. Hij is bewust zo gebouwd dat werken loont: hij loopt eerst op naarmate je meer verdient, bereikt zijn maximum rond een voltijdsalaris, en wordt daarna weer afgebouwd. De opbouw gaat in drie stukken, met knikpunten waar het tempo verandert.

2026 — maximum € 5.685, bereikt bij € 45.592

Belastbaar inkomenKorting
Tot € 11.9658,324% × belastbaar inkomen
€ 11.965 – € 25.845€ 996 + 31,009% × (belastbaar inkomen − € 11.965)
€ 25.845 – € 45.592€ 5.300 + 1,950% × (belastbaar inkomen − € 25.845)
€ 45.592 – € 132.920€ 5.685 − 6,510% × (belastbaar inkomen − € 45.592)
Vanaf € 132.920€ 0

Waarom dit alles verandert

Tel ze op en het wordt duidelijk. Wie alleen naar de schijventabel kijkt, schat zijn belasting ongeveer twee keer te hoog in. Het is ook de reden waarom je bij lagere inkomens netto bijna niets kwijt bent — zie de volgende stap.

Stap 4 — De ondergrens: kortingen gaan nooit onder nul

De algemene heffingskorting en de arbeidskorting zijn niet uitbetaalbaar. Ze verlagen de belasting die je moet betalen. Zijn je kortingen groter dan je belasting, dan wordt je belasting €0 en vervalt het restant. Je krijgt geen negatieve belasting en geen uitbetaling. Dat is die max(0, …) in de formule.

€ 15.000 · 2026

Belasting vóór kortingen€ 5.362,50
Algemene heffingskorting€ 3.115,00
Arbeidskorting€ 1.937,12
Kortingen samen€ 5.052,12
Belasting ná kortingen€ 310,38

Zak je verder, dan raak je de bodem: onder ongeveer €11.360 belastbaar inkomen (2026) zijn je kortingen groter dan je belasting en betaal je €0 belasting. Je netto is dan gelijk aan je bruto — en elke extra euro die je daar verdient is volledig van jou.

Historisch bestond er een uitbetaling van de algemene heffingskorting aan een minstverdienende partner. Die is afgebouwd en geldt niet voor een alleenverdiener, dus wij rekenen hem niet mee.

Effectief tarief vs. marginaal tarief

De rekenmachine laat twee percentages zien. Ze meten iets heel anders.

Effectief tarief — wat je gemiddeld betaalt

Belasting ná kortingen ÷ bruto. Het percentage van je hele inkomen dat daadwerkelijk naar de belasting gaat. Dit is het getal dat je wilt weten als je vraagt “hoeveel houd ik over?”, en waarmee we je netto-uurloon berekenen.

Marginaal tarief — wat je volgende euro kost

Wat er gebeurt met de eerstvolgende euro die je erbij verdient. Dit is het getal dat je wilt weten als je vraagt “loont die opslag, die extra dag, die bonus?”

Waarom je marginale tarief hoger kan zijn dan je schijf

Ga je meer verdienen, dan gebeuren er twee dingen tegelijk: je betaalt het schijftarief over die extra euro, én je verliest een stukje heffingskorting doordat die wordt afgebouwd. Die twee stapelen op elkaar. Andersom geldt hetzelfde: zolang je arbeidskorting nog opbouwt, is je marginale tarief juist veel lager dan je schijf.

Zo loopt het over je inkomen (2026, onder de AOW-leeftijd)

Belastbaar inkomenEffectiefMarginaal
€ 10.0000,0%0,0%
€ 15.0002,1%4,7%
€ 22.0002,9%4,7%
€ 27.0004,5%33,8%
€ 32.0009,5%40,2%
€ 40.00015,7%42,0%
€ 50.00021,7%50,5%
€ 60.00026,5%50,5%
€ 80.00032,6%56,0%
€ 100.00037,3%56,0%
€ 140.00042,3%49,5%
  • Rond €12.000 tot €26.000 is werken extreem lonend: de arbeidskorting loopt daar op met 31% per euro, dus van elke extra bruto euro houd je bijna alles over.
  • Tussen €78.426 en €132.920 ligt de hoogste marginale druk van allemaal — hoger dan bij een miljoeneninkomen. Dat komt puur door de afbouw van de arbeidskorting.

Denk je aan meer uren of een opslag? Kijk naar je marginale tarief, niet je effectieve.

Rekenvoorbeelden

Belastbaar jaarinkomen (inclusief vakantiegeld), 2026, werknemer onder de AOW-leeftijd. Deze bedragen komen rechtstreeks uit dezelfde rekenmachine.

BrutoBelasting vóór kortingenAlg. heffingskortingArbeidskortingBelasting ná kortingenNettoEffectief
€ 15.000€ 5.363€ 3.115€ 1.937€ 310€ 14.6902,1%
€ 25.000€ 8.938€ 3.115€ 5.038€ 784€ 24.2163,1%
€ 36.000€ 12.870€ 2.714€ 5.498€ 4.658€ 31.34212,9%
€ 45.000€ 16.198€ 2.138€ 5.674€ 8.386€ 36.61418,6%
€ 60.000€ 21.832€ 1.179€ 4.747€ 15.906€ 44.09426,5%
€ 80.000€ 29.532€ 0€ 3.445€ 26.087€ 53.91332,6%
€ 100.000€ 39.432€ 0€ 2.143€ 37.289€ 62.71137,3%

Let op hoe het effectieve tarief veel lager ligt dan het schijftarief — dat is het effect van de heffingskortingen.

Wat wij níét meerekenen

Eerlijk is eerlijk: dit is een goed model, geen belastingaangifte. Dit zit er bewust niet in.

Situationele heffingskortingen

  • Inkomensafhankelijke combinatiekorting (IACK) — voor werkende ouders met een kind onder de 12. Val je hieronder, dan is je échte netto hóger dan wat wij tonen.
  • Jonggehandicaptenkorting (bij een Wajong-uitkering).
  • Ouderenkorting en alleenstaandeouderenkorting (vanaf de AOW-leeftijd).

Aftrekposten

  • Hypotheekrenteaftrek en het eigenwoningforfait.
  • Studiekosten, giften, specifieke zorgkosten, partneralimentatie.
  • Ondernemersaftrek, zelfstandigenaftrek, MKB-winstvrijstelling.
  • Reiskostenvergoeding en andere onbelaste vergoedingen.

Wat je werkgever nog inhoudt

  • Pensioenpremie — jouw eigen deel gaat van je brutoloon af vóórdat er belasting wordt berekend. Zit je in een pensioenregeling, dan is je écht besteedbare loon lager dan wat wij tonen. Dit verschilt per regeling, dus we kunnen het niet generiek modelleren.
  • De bijdrage Zvw betaalt je werkgever bovenop je brutoloon; je eigen zorgpremie staat daar los van en is geen belasting.
  • WW, WIA en andere werknemersverzekeringen worden door de werkgever betaald.

Bijzondere situaties

  • De 30%-regeling voor ingekomen werknemers uit het buitenland.
  • Fiscaal partnerschap en het verdelen van aftrekposten.
  • Bijtelling voor een auto van de zaak (die verhoogt juist je belastbaar loon).
  • Box 2 en box 3, en geboren vóór 1 januari 1946 (iets ruimere eerste schijf).
  • De AOW-leeftijd: deze tool is gebouwd voor een werknemer onder de AOW-leeftijd.

Toeslagen — belangrijk bij een lager inkomen

Zorgtoeslag, huurtoeslag, kinderopvangtoeslag en het kindgebonden budget zijn geen belasting maar inkomensondersteuning, dus ze zitten hier niet in. Juist bij lagere inkomens kunnen ze je besteedbare inkomen flink verhogen — vaak met honderden euro's per maand. Reken je uit dat je weinig overhoudt, controleer dan of je er recht op hebt.

Bereken je toeslagen op toeslagen.nl ↗

En het belangrijkste: dit is je jaaraanslag, niet je loonstrook

Wat je werkgever elke maand inhoudt heet loonheffing. Dat is een voorheffing: een voorschot op je uiteindelijke aanslag inkomstenbelasting. Je werkgever kent alleen jouw loon bij hém; de Belastingdienst kijkt aan het eind van het jaar naar je hele plaatje. Deze tool berekent die jaaraanslag — het bedrag dat je over een heel jaar werkelijk kwijt bent. Eén losse loonstrook kan er dus anders uitzien.

Begrippenlijst

BegripWat het betekent
BrutoJe loon vóór belasting. Wat er in je contract of vacature staat.
NettoWat er overblijft nadat de belasting eraf is.
Box 1De belastingbox voor werk en woning: loon, uitkering, pensioen, winst, eigen woning.
Premie volksverzekeringenVerplichte bijdrage aan AOW, Anw en Wlz. Zit ín het schijftarief en alleen in schijf 1.
HeffingskortingEen bedrag dat rechtstreeks van je belasting af gaat (niet van je inkomen).
AfbouwHet geleidelijk verdwijnen van een korting naarmate je meer verdient.
KnikpuntEen inkomensgrens waar het opbouw- of afbouwtempo van een korting verandert.
VakantiegeldWettelijk 8% van je brutoloon, meestal uitbetaald in mei. Telt mee voor de belasting.
AOW-leeftijdDe leeftijd waarop je staatspensioen ingaat. Vanaf dan betaal je geen AOW-premie meer.
AanslagDe definitieve afrekening met de Belastingdienst over een heel jaar.
LoonheffingWat je werkgever maandelijks inhoudt. Een voorschot op de aanslag.
Effectief tariefBelasting ÷ bruto. Wat je gemiddeld over je hele inkomen betaalt.
Marginaal tariefWat je over de volgende verdiende euro betaalt.
VerzamelinkomenJe inkomen uit box 1 + 2 + 3 samen. Basis voor de algemene heffingskorting.
ArbeidsinkomenJe inkomen uit werk. Basis voor de arbeidskorting.

Voor een werknemer met alleen loon zijn verzamelinkomen, arbeidsinkomen en belastbaar box 1-loon hetzelfde bedrag. Daarom is één invoerveld genoeg.

Veelgestelde vragen

Waarom wijkt dit af van mijn loonstrook?

Drie redenen, meestal alle drie tegelijk. (1) Wij berekenen je jaaraanslag, je loonstrook toont de maandelijkse loonheffing — een voorschot. (2) Wij verdelen je vakantiegeld gelijkmatig over 12 maanden; jij krijgt het waarschijnlijk in één keer in mei. (3) Wij rekenen geen pensioenpremie mee, en die gaat wel van je brutoloon af. Voor de meeste mensen zorgt punt 3 ervoor dat het bedrag op hun rekening lager is dan onze “netto per maand”.

Telt vakantiegeld mee?

Ja. Voor de Belastingdienst is vakantiegeld gewoon loon, dus het zit altijd in je belastbare jaarinkomen. Zet het vinkje aan als je bedrag het al bevat, en uit als het er nog bij komt — bij een maandsalaris is dat laatste bijna altijd het geval.

Waarom daalt mijn arbeidskorting als ik meer ga verdienen?

Dat is bewust beleid: de arbeidskorting is bedoeld om werken lonend te maken voor lagere en middeninkomens. Boven het maximum wordt hij afgebouwd met 6,510% van elke extra euro. Je gaat er netto nog steeds op vooruit — je houdt alleen minder van de stijging over.

Waarom is mijn marginale tarief hoger dan 49,5%?

Omdat het schijftarief en de afbouw van je kortingen bij elkaar opgeteld worden. Tussen €78.426 en €132.920 betaal je 49,5% belasting én verlies je 6,510% arbeidskorting per extra euro. Boven €132.920 is de arbeidskorting weg en zakt je marginale tarief terug naar 49,5%.

Ik verdien weinig en betaal volgens jullie €0 belasting. Klopt dat?

Ja. Onder ongeveer €11.360 belastbaar inkomen (2026) zijn je heffingskortingen groter dan je belasting, dus wordt je belasting €0. Wat je aan korting overhoudt krijg je niet uitbetaald — het vervalt. Check in dat geval ook of je recht hebt op toeslagen.

Waarom mag ik geen partner, kinderen of hypotheek invullen?

Omdat we bewust één ding heel goed willen doen. Elke extra variabele maakt de berekening minder voorspelbaar en de invoer zwaarder. Heb je zo'n situatie, dan ligt je werkelijke netto meestal hóger dan wat wij tonen. Gebruik dan de rekenhulp van de Belastingdienst voor het precieze bedrag.

Welk belastingjaar moet ik kiezen?

2026 als je wilt weten wat je nú verdient. 2025 als je terugkijkt, bijvoorbeeld voor je aangifte. De tarieven en kortingen verschillen per jaar.

Wat is mijn netto uurloon precies?

Je netto jaarinkomen gedeeld door je contracturen per jaar (uren per week × 52). Bij 40 uur is dat 2.080 uur. Je vakantiedagen worden doorbetaald en zitten dus al in je jaarloon.

Waar blijven mijn gegevens?

Nergens. Alles wordt in je browser berekend. Je invoer wordt alleen lokaal op je apparaat bewaard zodat je hem niet steeds opnieuw hoeft in te tikken. Er gaat geen enkel getal naar een server, en er is geen tracking.

Bronnen

Alle tarieven, schijven en kortingsformules komen van de Belastingdienst. De berekening in deze tool gebruikt exact dezelfde getallen als deze pagina.

Dit is een indicatieve berekening en geen fiscaal advies. Raadpleeg de Belastingdienst of een fiscalist voor je persoonlijke situatie.

← Terug naar de rekenmachine